Pappa's Plekje

Pappa's Plekje

Misschien is dit dan wel natuurlijk ouderschap met een heel andere smaak: simpelweg erkennen dat je voor 98% een aap bent en dat implementeren in de huidige moderne samenleving.

Pappa’s Plekje

 

Het plekje van Pappa, dat is er eentje om te begeren en te veroveren. Niet alleen is het zo dat het biologische instinct van onze mensenkinderen nog altijd op volle toeren draait – ze zijn tenslotte nog steeds voor 98% aap in hun DNA - het is ook nog zo, dat die vent die gebukt gaat onder de naam Pappa altijd de volledige aandacht van Mamma krijgt (en een mooi Technisch Lego pakket heeft van een trekker (tractor)). Dat moet en zal je gewoon ook hebben.

 

Hiërarchie. Ik ben er zelf een beetje allergisch voor. Al is allergie trouwens niet eens de perfecte omschrijving, want eigenlijk voel ik hiërarchie gewoon nooit. Ik kan wel aanvoelen dat iemand zich beter of minder dan me voelt – of dat een nare vertegenwoordiger me op een soort van door hem bedachte plek wil drukken – maar bottomline trek ik me daar weinig wat van aan en kan ik er ook heel weinig mee. In mijn hoofd werkt het namelijk heel anders.

 

Ik ervaar iedereen als mens. Dus iedereen is voor mij gelijk en ik heb geleerd van mijn moeder dat je een ander nooit mag veroordelen. Het zit dus ook nog een stukje in de cultuur die ik van huis uit heb meegekregen. In de praktijk werkt dat natuurlijk soms een beetje anders, omdat mensen nu eenmaal erg snel oordelen. Ook zo werkt ons brein. Ons brein is lui en houdt van voorspelbaarheid en hokjes. Toch kan ik wel stellen dat ik die open blik die ik als baby had, nog steeds wel heb. Zij het wat minder bleu en met wat minder kwijl rond mijn mond. Wanneer ik iemand tref ga ik altijd uit van de goede bedoelingen van de ander en probeer ik me dusdanig te verplaatsen in de ander dat ik het gedrag of de opmerking kan plaatsen. Bij sommige mensen is dat gemakkelijker dan bij anderen, maar, het werkt! Zo lang ik te maken heb met volwassenen althans.

 

Bijna vijf jaar geleden werd ik moeder van een zoon. Hartstikke leuk. Alle verhalen van zonen de hun moeders vereren passeren de revue. Ik moest vooral gaan geloven dat er niets zo bijzonder is als de relatie tussen een moeder en haar zoon. Bovendien leek het mij dan weer hartstikke leuk dat hij me ooit boven het hoofd groeit. In letterlijke zin dan. In figuurlijke zin gebeurde dat al vrij snel, omdat hij de eerste paar jaren van zijn leventje enorm gehuild heeft en er nog al een eigen mening op na houdt, zo klein als ie is.

 

Het was dat iemand me er op attendeerde hoe het in de natuur eigenlijk werkt. Mannetje eerst en dan pas het vrouwtje. Zo voelen de kinderen het ook. Die varen tenslotte voortdurend op hun biologische imprent en wij proberen daar een soort van sausje over te gieten in de smaak van onze cultuur. Mijn zoon is de enige in een roedel vrouwen en als pappa er niet is, wie neemt er dan de leiding? Weet hij veel dat het in de moderne Westerse wereld zo is dat mamma het roer dan overneemt. Het kan wel zo zijn dat het in onze cultuur zo geldt, maar die hardnekkige biologie – met dus die 98% aap – die voelt dat gewoon anders! Hij is de man. Hij is de baas.

 

Dus inderdaad. Toen ik er op ging letten zag ik de eeuwige strijd om de macht ook in ons gemoedelijke – uhm… iets minder gemoedelijke – huishouden ontstaan. Zoon zat aan het hoofd van de tafel. Oeps… Dat was dus onbewust een soort signaal: jij bent de baas. Daar gaan we eens even mee experimenteren.

 

Toen we zoon verplaatste naar de zijkant van de tafel ontstond er direct een strijd. Met veel lawaai maakte hij duidelijk dat deze verandering niet naar zijn zin was. Hij wilde bepalen hoeveel hij at, wanneer hij at, of hij at en waar hij mocht zitten. Ik zeg je: ik stond er bij en ik keek er met grote ogen van verbazing naar. Mijn lieve, kleine, jonge, piepjonge, zoon die zo probeert om zijn plekje te veroveren. Zou het dan toch echt waar zijn?

 

Je kan mijn zoon – die inmiddels bijna vijf is – enorm driftig maken door de woorden uit te spreken: ‘Jij bent niet de baas in huis.’ Dat haantjesgedrag van Man of de salsa-klanken van het testosteron, hoe je het ook wil noemen, dat zit ook ernstig is die lieve, ondeugende – en dus ook ontzettend driftige en koppige! – Kleuter. Ik spreek die woorden dan bij voorkeur ook niet uit. Ik deed er na het lezen van een interessant artikel nog een ander experiment mee.

 

Op de website van Kiind las ik eens een artikel over Bokito wanneer het gaat om het grootbrengen van je kinderen. Wat zou Bokito doen? De moraal van het verhaal was dat we nog steeds voor 98% aap zijn en dat een apenmoeder haar kind niet probeert omver te blazen met de meest ingewikkelde en dure woorden. Het gaat om de non-verbale acties. Dus wanneer je je kind waarschuwt, dan voeg je daar direct een non-verbaal signaal aan toe. Alleen woorden vinden weinig doorgang in die overheersende 98%.

 

Het leuke aan ouder zijn is dat ik ook maar wat doe. Als ik dus weer eens met mijn handen in het haar zit, omdat ik naast een landje-pik-Kleuter ook een ik-ga-de-strijd-aan-Peuter heb rondlopen, dan zoek ik mijn toevlucht tot een van mijn beste vriendinnen die eenzelfde soort kinderen op de wereld zet en tot artikelen die ik dan ‘toevallig’ tegenkom.

 

Bokito werkt. Dat is een ding wat zeker is. Het enige probleem is dat ik nogal verbaal ben aangelegd – vandaar ook deze fijne blog -, dus ik moet echt heel hard mijn best doen om mijn non-verbale kant naar boven te laten komen. Dat mijn kinderen daar geen enkele moeite mee hebben bleek wel in de zwangerschap van Baby. Na 32 weken moest ik absolute rust houden. Mijn bloeddruk ging omhoog (vind je het gek…) en het werd wat minder aangenaam voor Baby in mijn buik. Daar zat ik dus. Op de bank. Een beetje haken en thee drinken. Het enige dat ik kon was verbaal ingrijpen en jongens wat moest ik mijn best doen.

 

Peuter had binnen no time door dat de situatie anders was en ze voelde ruimte. Waar eerder zoon de dienst uit probeerde te maken, begon Peuter nu hard haar best te doen om mijn plekje in te pikken. Het was pappa voor en pappa na. Ze wilde alleen maar op het plekje van mamma slapen: ‘Mij naast pappa!’ Ze wilde alleen maar naast pappa zitten aan tafel: ‘Mij naast pappa!’ En wanneer er iets was dat in haar ogen volstrekt logisch was, maar in mijn ogen niet door de spreekwoordelijke beugel kon, dan trok ze haar laarzen aan en trok ze één lange sprint naar achteren, naar de boerderij. Daar was pappa en daar zou ze wel eens even vertellen wat die gekke mamma allemaal deed. Inclusief pruillip en stampende voetjes.

 

Ik was bevallen van Baby en het ging door. Tot overmaat van hiërarchische ramp kregen we in het kraambed de waterpokken. Peuter begon. We wilden haar een beetje uit de buurt houden van de tot dan toe smetteloze Baby, dus ze kon wel slapen op haar eigen kamer. Pappa zou ’s nachts wel bij haar blijven… Ja ja, je voelt de bui inmiddels vast wel hangen. Dat beetje aanzien voor mij wat er nog resteerde verdween als smeltende sneeuw bij een stralend zonnetje. Ik begon weer bij nul.

 

Nou is er geen nood aan de man. Alles werd automatisch weer in het gareel getrokken doordat ik uit bed kwam, weer meer mijn moederrol kon vervullen en er weer vaste plekken aan tafel kwamen (in plaats van op de bank of op het vloerkleed). Het heeft me wel aan het denken gezet. Zeker omdat ik dus zelf niet zo goed ben met die hiërarchie. Ik heb er niet zo’n boodschap aan. En toch. Je kan onze biologie gewoon niet ontkennen. Dat kom ik dagelijks tegen in mijn werk als draagconsulent en dat vertel ik ouders ook dagelijks! Op de één of andere manier trek ik dat dan niet door naar het gezin wat hier leeft.

 

Wat is dan wijsheid? Je stug blijven voornemen dat we in 2017 leven en dat er in deze moderne tijd andere regels gelden dan zeg duizenden jaren geleden? Of is het misschien toch ergens de kunst om je open blik te blijven behouden? Om te accepteren dat we inderdaad in 2017 leven met de huidige wetten, regels, waarden en normen. Maar om óók te accepteren dat we nog steeds 98% aap zijn. Dat onze biologie blijft schreeuwen op de achtergrond en dat je dat wel weg kan willen drukken, maar dat dat gewoon niet mogelijk is.

 

Het lijkt zo bekrompen. Zo primitief ook om te benoemen dat je zoon zijn dagelijks bezigheden gewoon enkel gestoeld zijn op de overwinning. Aan het hoofd van het gezin komen te staan. Op de plek van pappa als hij er niet is of in elk geval als generaal onder de maarschalk. Misschien is dit dan wel natuurlijk ouderschap met een heel andere smaak: simpelweg erkennen dat je voor 98% een aap bent en dat implementeren in de huidige moderne samenleving.

 

Overigens ben ik er heilig van overtuigd dat het niet alleen voor de jongens geldt. Meiden zijn net zo hard bezig met hiërarchie. Dat merk ik wel aan mijn eigen dochters – die ondanks de 8 maanden van Baby al heerlijk met elkaar samenspannen - en de continue strijd tussen zoon Kleuter, dochter Peuter en een kruipende dochter Baby in hun kielzog. Ik denk wel dat het helpt om wat lucht te krijgen als ouder: laat ze maar gewoon lekker voor 98% de Bokito uithangen en dan gieten we er als ouder heel af en toe nog een beetje 2% cultuur overheen. Loslaten. Ai…

 

 

 

Elke maandag schrijf ik een blog over mijn leven als moeder van drie jonge Blommetjes.

Door je e-mailadres achter te laten onderaan op de homepage, ontvang je elke maand de onderwerpen van de blogs in een preview in je mailbox.

 

Reacties

Wees de eerste om te reageren...

Laat een reactie achter
* Uw e-mailadres wordt niet gepubliceerd.
* Verplichte velden